prodpas.eu

Wanneer wordt het productpaspoort verplicht voor producten?

Geen vaste datum: het verschilt per productgroep

Er is geen moment waarop het productpaspoort in één keer verplicht wordt voor alle producten. De ESPR (Verordening (EU) 2024/1781) is een kaderverordening: die legt de regels en de bevoegdheden vast, maar bepaalt niet zelf per productgroep vanaf welke datum een paspoort nodig is. Dat gebeurt via aparte gedelegeerde handelingen die de Europese Commissie per productgroep vaststelt. Voor de ene productgroep kan dat traject al ver gevorderd zijn, voor de andere moet het nog beginnen. Wie zoekt naar "de" invoeringsdatum van het productpaspoort zoekt dus eigenlijk naar iets dat niet bestaat — de vraag die wél te beantwoorden is, is wanneer het zover is voor een specifieke productgroep, en dat verschilt.

Voor welke producten dit gaat gelden — en voor welke nog niet

De ESPR is bedoeld als raamwerk voor fysieke producten die op de EU-markt worden gebracht, maar de verplichting tot een digitaal productpaspoort ontstaat pas op het moment dat er voor die specifieke productgroep een gedelegeerde handeling is vastgesteld. Zolang die er niet is, geldt er voor die productgroep nog geen paspoortplicht — ook al valt het product inhoudelijk wel onder de reikwijdte van de verordening. Dit betekent dat twee vergelijkbare bedrijven met producten in verschillende productgroepen op verschillende momenten te maken kunnen krijgen met de verplichting, simpelweg omdat de ene productgroep eerder aan de beurt is dan de andere. De volgorde en prioritering van productgroepen wordt vastgelegd in het werkplan dat de Commissie opstelt.

Wat al vaststaat, en wat nog niet

Een concrete datum voor jouw productgroep staat pas vast zodra de gedelegeerde handeling voor die productgroep is gepubliceerd — daarin wordt ook de overgangstermijn opgenomen die geldt voordat de verplichting daadwerkelijk ingaat. Zolang die handeling er niet is, is er ook geen datum om te noemen; wie nu een jaartal claimt voor een productgroep waarvoor nog geen gedelegeerde handeling bestaat, loopt vooruit op een besluit dat nog genomen moet worden. Wat wel vaststaat, is het proces: de Commissie stelt een werkplan op waarin productgroepen worden geprioriteerd (artikel 18 van de ESPR), en voor die groepen worden vervolgens gedelegeerde handelingen ontwikkeld die de inhoud, reikwijdte en het tijdpad per productgroep vastleggen (artikel 4 en artikel 8). Tot een gedelegeerde handeling voor een productgroep is aangenomen, is er voor die productgroep geen wettelijke verplichting tot een digitaal productpaspoort onder de ESPR.

Zo houd je zicht op de planning voor jouw productgroep

Wie wil weten wanneer het paspoort voor de eigen producten actueel wordt, kan dat het beste in deze volgorde uitzoeken. Eerst: welke productgroep of -groepen zijn van toepassing op de producten die worden gemaakt of geïmporteerd — dat bepaalt namelijk welk traject relevant is. Daarna: staat die productgroep al op het werkplan van de Commissie, en zo ja, in welke fase zit die (nog te starten, in voorbereiding, of al vastgesteld als gedelegeerde handeling). Vervolgens, als er al een gedelegeerde handeling is: welke overgangstermijn daarin is opgenomen, want dat is het moment waarop de verplichting voor die productgroep daadwerkelijk ingaat. En ten slotte, ook als er nog geen gedelegeerde handeling is: alvast nagaan welke productdata beschikbaar en gestructureerd zijn, zodat het samenstellen van een paspoort geen verrassing is zodra de verplichting concreet wordt. Voor bedrijven met producten in meerdere productgroepen is het vooral zaak om niet te wachten op één gezamenlijke ingangsdatum, want die komt er dus niet.

Waar dat staat: artikel 18, 4 en 8 van de ESPR

De basis voor deze gefaseerde aanpak volgt rechtstreeks uit de ESPR zelf. Artikel 18 verplicht de Commissie tot het opstellen van een werkplan waarin productgroepen worden geprioriteerd voor de invoering van eisen, inclusief het digitale productpaspoort. Artikel 4 geeft de Commissie de bevoegdheid om per productgroep gedelegeerde handelingen vast te stellen, en artikel 8 beschrijft wat die handelingen ten minste moeten regelen — waaronder de specifieke eisen aan het paspoort en de termijnen die daarbij horen. Samen laten deze artikelen zien dat de verplichting niet uit de ESPR zelf voortvloeit, maar telkens opnieuw ontstaat via een apart besluit per productgroep.

Wie nu al wil voorsorteren, kan het beste de eigen productgroep(en) benoemen en vervolgens het werkplan en de gedelegeerde handelingen van de Commissie in de gaten houden — dat is de plek waar de daadwerkelijke datum en de inhoud van de verplichting per productgroep bekend worden gemaakt.

Wat u concreet moet doen

Wat er van u wordt verwacht

De ESPR zelf (Verordening (EU) 2024/1781) legt geen datum vast waarop het productpaspoort voor álle producten verplicht wordt. De verordening is een kaderwet: ze regelt hoe de verplichting per productgroep tot stand komt, niet wanneer die voor een specifiek product ingaat. Dat "wanneer" wordt per productgroep apart bepaald, via een gedelegeerde handeling. Zolang die er voor een productgroep niet is, geldt er voor die producten nog geen paspoortplicht.

De Commissie stelt een werkplan op

Artikel 18 van de ESPR verplicht de Europese Commissie om een werkplan te maken waarin staat welke productgroepen prioriteit krijgen en in welke volgorde ze worden aangepakt. Voor een bedrijf betekent dit vooral dat de eerste, betrouwbaarste informatie over "wanneer is mijn productgroep aan de beurt" uit dit werkplan komt, en niet uit de verordening zelf. Een bedrijf van 10 tot 100 medewerkers dat producten in meerdere categorieën voert — denk aan een importeur van zowel elektronica als meubels — doet er goed aan het werkplan te volgen per productgroep afzonderlijk, want de een kan jaren eerder aan de beurt zijn dan de ander. Meer over hoe die volgorde wordt bepaald staat in in welke volgorde productgroepen een verplicht paspoort krijgen.

Per productgroep komt er een gedelegeerde handeling

De daadwerkelijke verplichting — inclusief een concrete ingangsdatum voor die productgroep — ontstaat via een gedelegeerde handeling die de Commissie vaststelt op basis van de bevoegdheid in artikel 4 van de ESPR. Artikel 8 bepaalt wat in zo'n handeling terug moet komen: onder meer de ecologische eisen, welke gegevens in het paspoort moeten staan en vanaf wanneer het paspoort voor die productgroep verplicht is. Praktisch betekent dit dat een bedrijf niet kan vertrouwen op één centrale ingangsdatum, maar per productgroep moet nagaan of en wanneer er al een gedelegeerde handeling ligt. Wat een gedelegeerde handeling precies is en waarom die zoveel bepaalt, staat uitgelegd op wat is een gedelegeerde handeling en waarom bepaalt die wat ik moet doen.

Bepalen of de eigen producten al onder een handeling vallen

Voor een bedrijf met een divers assortiment is dit vaak het meeste werk: niet één keer checken, maar per productgroep. Textiel, meubels, elektronica en bouwmaterialen zitten bijvoorbeeld niet in dezelfde fase van het proces en krijgen niet gelijktijdig een gedelegeerde handeling. Een bedrijf van bescheiden omvang dat in twee of drie van deze categorieën verkoopt, loopt het risico één productgroep goed te volgen en een andere te missen. Een overzicht van wat er voor het mkb specifiek verandert, staat op wat verandert de ESPR voor het midden- en kleinbedrijf.

Voorbereiden vóórdat de verplichting ingaat

Ook al ligt de exacte datum nog niet vast, de gegevens die straks in een paspoort moeten komen — herkomst, materialen, reparatiegegevens, en dergelijke — worden vaak al langer vastgelegd, of juist nergens centraal. Bedrijven die pas beginnen te verzamelen zodra de gedelegeerde handeling er is, lopen achter de feiten aan. Praktisch betekent dit dat het uitzoeken welke gegevens relevant worden, geen tijd hoeft te wachten op de exacte ingangsdatum. Zie hiervoor welke gegevens er in het productpaspoort van producten komen.

Waar het misgaat in de praktijk

Een importeur denkt dat er één EU-brede datum is. Omdat de ESPR zelf geen jaartal noemt, gaan sommige bedrijven ervan uit dat er ergens één centrale ingangsdatum voor "het productpaspoort" bestaat. Die datum is er niet — die bestaat alleen per productgroep, vastgesteld in een gedelegeerde handeling die er voor die groep nog niet eens moet zijn.

Een bedrijf volgt alleen de productgroep die het beste kent. Bij bedrijven met meerdere productlijnen wordt vaak alleen de meest zichtbare of grootste productgroep gevolgd, terwijl een kleinere nevenlijn ineens onder een vroegere gedelegeerde handeling blijkt te vallen. Vooral relevant wanneer een product eigenlijk in meerdere categorieën thuishoort, zoals beschreven op mijn product valt in meerdere groepen — wat betekent dat.

Men verwacht dat het werkplan een garantie geeft. Het werkplan uit artikel 18 geeft een prioritering, geen harde toezegging over een exacte datum voor een specifieke productgroep. Bedrijven die een datum uit een concept-werkplan als vaststaand aannemen, kunnen bedrogen uitkomen als de daadwerkelijke gedelegeerde handeling later komt of andere eisen stelt.

Kleine bedrijven denken buiten schot te blijven. Er wordt nogal eens verondersteld dat het productpaspoort alleen voor grote fabrikanten geldt. Of en hoe een kleiner bedrijf hiermee te maken krijgt, hangt af van de productgroep en niet van de bedrijfsgrootte — zie geldt het productpaspoort ook voor kleine bedrijven.

Voorbereiding wordt uitgesteld tot de handeling definitief is. Zodra een gedelegeerde handeling voor een productgroep is vastgesteld, is de periode om gegevens op orde te krijgen vaak korter dan verwacht. Bedrijven die wachten met het inrichten van hun gegevensverzameling tot de tekst definitief is, starten die inhaalslag pas op het moment dat andere bedrijven in de sector al onderweg zijn.

Wat u kunt vastleggen

  • Een overzicht van de eigen productgroepen, met per groep een verwijzing naar waar die in het werkplan van de Commissie staat.
  • De laatst geraadpleegde versie van het werkplan (artikel 18, ESPR) en de datum waarop dat is gecheckt, zodat duidelijk is hoe actueel de informatie is.
  • Voor elke productgroep die al een gedelegeerde handeling heeft: de vindplaats van die handeling en de daarin genoemde ingangsdatum.
  • Een lijst van gegevens die nu al beschikbaar zijn (materialen, herkomst, reparatie-informatie) versus gegevens die nog verzameld moeten worden, zodat voorbereiding niet stilstaat in afwachting van een definitieve datum.
  • Een check of het eigen product mogelijk in meerdere productgroepen valt, met de bijbehorende gevolgen voor timing en gegevens — te beginnen bij geldt het digitaal productpaspoort voor mijn producten.
  • Een contactmoment of vaste periodieke controle (bijvoorbeeld ieder kwartaal) om te checken of er nieuwe gedelegeerde handelingen zijn gepubliceerd voor de relevante productgroepen.

Dit is geen juridisch advies. Deze pagina geeft algemene informatie over de regelgeving waar dit platform over gaat. Wij kennen uw situatie niet. Bij twijfel over uw eigen geval raadpleegt u een jurist of de bevoegde toezichthouder.

Geschreven met AI op basis van de bronnen hierboven, gecontroleerd door een mens op 2026-08-22. Klopt er iets niet? Laat het weten — correcties krijgen voorrang.